Het vernieuwde btw-boetebeleid: welke boetes riskeert uw onderneming?

26 augustus 2026

De modernisering van de btw-ketting brengt niet alleen een nieuwe provisierekening en aangepaste deadlines met zich mee, maar ook een vernieuwd boetebeleid. Als ondernemer wil u vooral vermijden dat een vergetelheid of een laattijdige betaling u onnodig geld kost. Het goede nieuws: voor wie zijn btw correct opvolgt, voorziet de fiscus in een aantal toleranties. Wij zetten voor u op een rij welke boetes van toepassing zijn en hoe u ze vermijdt.

Waarop is het nieuwe boetebeleid van toepassing?

De hervorming van de boetes heeft uitsluitend betrekking op de periodieke btw-aangiftes. Concreet gaat het om de gewone periodieke aangifte en de definitief vervangende aangifte (de aangifte die de administratie zelf opstelt wanneer u zelf niets indient). Voor uw overige btw-verplichtingen verandert er op dit vlak niets.

We maken daarbij een onderscheid tussen twee soorten boetes: proportionele boetes (een percentage van de verschuldigde btw) en vaste boetes (een vast bedrag).
 

Proportionele boetes: tolerantie voor wie correct is

Een proportionele boete wordt berekend als een percentage van de btw die u te laat of niet betaalt. De administratie wilde vermijden dat een correcte ondernemer meteen en automatisch een boete oploopt zodra een betaling enkele dagen te laat gebeurt. Daarom is er, op vraag van de minister van Financiën, een belangrijke tolerantie ingebouwd.

Bij een laattijdige of gedeeltelijke betaling houdt de fiscus rekening met alle betalingen die zijn ontvangen tot uiterlijk de 10de dag van de 2de maand die volgt op de aangegeven periode. Zuivert u het openstaande saldo binnen die termijn aan, dan blijft een proportionele boete achterwege. Ook een tegoed op uw rekening-courant of provisierekening wordt in die berekening meegenomen.

Praktijktip: raadpleeg tijdig het saldo op uw provisierekening via MyMinfin. Zo weet u precies welk bedrag u nog moet betalen en tegen wanneer.

Let wel: deze tolerantie geldt niet in twee gevallen:

  • wanneer de rechten van de schatkist in gevaar komen;
  • wanneer uit de feiten blijkt dat de laattijdige betaling niet te wijten is aan omstandigheden buiten uw wil.

Twee voorbeelden ter verduidelijking

Een concreet cijfervoorbeeld maakt het duidelijk. Stel dat uw aangifte over januari 2026 een verschuldigd bedrag (rooster 71) van 25.000 euro vertoont, te betalen tegen 20 februari 2026. U beschikt over een tegoed op de rekening-courant van 15.000 euro, waardoor er nog een saldo van 10.000 euro openstaat.

Voorbeeld 1 – betaling binnen de tolerantie: u betaalt het saldo van 10.000 euro op 28 februari 2026, dus vóór de tolerantiedatum van 10 maart 2026. Resultaat: de proportionele boete bedraagt 0 euro.

Voorbeeld 2 – betaling na de tolerantie: u betaalt het saldo van 10.000 euro pas op 20 maart 2026, na de tolerantiedatum. Resultaat: een proportionele boete van 5% op 10.000 euro. Diende u uw aangifte bovendien te laat in (na 20 februari 2026), dan loopt dat tarief op tot 10%.


 

Vaste boetes bij een te late of ontbrekende aangifte

Naast de proportionele boetes bij niet-betaling bestaan er ook vaste boetes, gekoppeld aan het al dan niet tijdig indienen van uw aangifte.

Bij een laattijdige indiening met niet meer dan vijf maanden vertraging (of wanneer u op een geldige manier de procedure van de vervangende aangifte beëindigt) bedraagt de boete 100 euro per aangifte en per maand vertraging. Elke begonnen maand telt daarbij als een volledige maand, met een maximum van 500 euro.

Wordt de aangifte helemaal niet ingediend, dan gelden voortaan progressieve boetes die oplopen naarmate u vaker in de fout gaat:

  • 1ste overtreding: 500 euro per aangifte
  • 2de overtreding: 1.250 euro per aangifte
  • 3de inbreuk: 2.500 euro per aangifte
  • volgende inbreuken: 5.000 euro per aangifte

Voor de bepaling van het boetebedrag houdt de administratie rekening met gelijkaardige overtredingen uit de periode van vier jaar die voorafgaat aan het moment van de nieuwe overtreding (artikel 3, eerste lid, van KB nr. 44). Belangrijk: bij de berekening van die referentieperiode tellen enkel overtredingen mee die vanaf 1 januari 2025 werden begaan.

Ook bij laattijdige indiening geldt een tolerantie

Net als bij een laattijdige betaling is er ook voor het laattijdig indienen een tolerantie voorzien. Wanneer u de periodieke btw-aangifte alsnog indient uiterlijk op de 10de dag van de 2de maand die volgt op het aangiftetijdvak, geldt het volgende:

  • voor aangiftes met een wettelijke indieningstermijn vóór 1 oktober 2025 wordt geen boete opgelegd;
  • voor aangiftes met een wettelijke indieningstermijn na 1 oktober 2025 wordt, mits u een verzoekschrift indient, een eerste inbreuk te goeder trouw volledig kwijtgescholden.

De administratie past haar instructie 'boetebeleid' hiervoor aan. Deze tolerantie wordt bovendien een permanente regeling.


 

Wat betekent dit voor uw kmo?

De rode draad in dit vernieuwde boetebeleid is duidelijk: wie zijn btw correct en tijdig opvolgt, hoeft niet meteen een boete te vrezen. De ingebouwde toleranties bieden ademruimte, maar ze zijn geen vrijgeleide. Van zodra de rechten van de schatkist in het gedrang komen of de vertraging aan uzelf te wijten is, valt die soepelheid weg.

Voor de meeste kmo's komt het er dus op neer om de nieuwe deadlines strikt te bewaken en het saldo op de provisierekening goed op te volgen. Een goed georganiseerde, gedigitaliseerde boekhouding helpt u daarbij enorm: minder risico op vergetelheden, meer overzicht en dus minder kans op een vermijdbare boete.

Heeft u vragen over het vernieuwde btw-boetebeleid of wil u nagaan wat dit concreet voor uw onderneming betekent? Neem gerust contact op met ons kantoor. Wij bekijken graag samen met u hoe u uw btw-verplichtingen vlot en zonder verrassingen kunt opvolgen.